De Ranitzstraat
[What’s in a name]
In het rampjaar 1672, toen Nederland van alle kanten werd aangevallen, schoot keurvorstendom Brandenburg Nederland te hulp tegen het Franse leger van Lodewijk XIV. De Brandenburgse troepen hielpen de Nederlanders bij het verdedigen van zes forten aan de Rijn. Waarschijnlijk was Johann Sigmundt Ranisius, ook wel Ranisch (Ranitz) genoemd, een van de mannen die mee vocht en zich blijvend in ons land vestigde. Hij werd geboren in Pirna op 17 juni 1645 en in 1724 overleden in Elten. Een van zijn nazaten was Sebastiaan Mattheus Sigismund de Ranitz geboren in Doornick bij Nijmegen. Sebastiaan verhuisde naar de Oude Ebbingestraat in Groningen, trouwde met Edzardina Johanna Tjassens en uit dat huwelijk werd op 10 februari 1794 Herman de Ranitz geboren.
Herman de Ranitz promoveert in 1819 op het Romeins en hedendaags recht aan de universiteit van Groningen. Hij begint zijn carrière als lid van de gemeenteraad van Groningen en procureur en plaatsvervangend rechter.
Op 5 Oktober 1832 trouwt hij in Leeuwarden met Maria Elisabeth Crommelin. Het echtpaar krijgt negen kinderen waarvan er twee op zeer jonge leeftijd overlijden. Een van de kinderen is Sebastiaan Mattheus Sigismund de Ranitz die later raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden wordt. Ondertussen schildert en exposeert echtgenote Maria, vooral in Groningen, naast haar zorgtaken als moeder ook stillevens en landschappen (zie hannekevanasperen.nl/uit-de-schaduw). Pas na Hermans dood treedt ze daarmee uit zijn schaduw.
[bijschrift bij portret De Ranitz: schilderij van Jan Ensing (1819-1894), in 1887 door de familie De Ranitz geschonken aan de gemeente Groningen]
Herman is van 1934 tot 1842 lid van de Provinciale Staten van Groningen voor de stad, met een korte onderbreking als hij voor een maand buitengewoon lid van de Tweede Kamer voor de provincie Groningen is. In 1842 wordt hij burgemeester van Groningen.
Op 6 augustus 1846 vertrekt De Ranitz samen met zijn echtgenote naar de badplaats Kreuznach, waar hij hoopt te herstellen van ‘zijne enigszins gekrenkte gezondheid’, volgens de Nieuwe Rotterdamsche Courant. Hij is sterk verzwakt, wordt daar ernstig ziek en keert niet levend huiswaarts. De Ranitz overlijdt elf dagen na aankomst; hij is dan nog maar 52 jaar oud.

[bijschrift bij foto; Ranitzplein 1949 Groninger Archieven
Verdiensten
Herman de Ranitz heeft zich altijd ingezet voor het lager onderwijs in de stad, als middel in de strijd tegen armoede. In 1827 had het Groningse departement van de Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen (’t Nut) al besloten tot de oprichting van een bewaarschool voor kinderen tussen 2 en 5 jaar oud. Maar het duurt nog tot 1 mei 1938 voordat de eerste proefbewaarschool van start gaat. Het is een succes, want in 1841 volgt dan de eerste stadsbewaarschool in het noordelijke deel van Groningen. Er worden enkele onderwijzers aangesteld en bovendien vrouwen die de zorg voor de kinderen moeten dragen en daarop toezicht moeten houden. Onder hen bevindt zich ook Maria Elisabeth De Ranitz-Crommelin, altijd nauw betrokken bij deze activiteiten van haar man. De Ranitz draagt ook een steentje bij aan het hoger onderwijs in Groningen. Het nieuwe, ‘tweede’ Academiegebouw, ingewijd op 25 september 1850 (het eerste is, in slechte staat, in 1846 afgebroken) is bijvoorbeeld gebouwd op voordracht
